Gedachten als:
“Ben ik aantrekkelijk genoeg?”
“Waarom voel ik nu niks?”
“Doe ik het wel goed?”
“Wat als ik weer te snel klaar kom?”
“Wat als ik juist helemaal niet kom?”
“Zal zij dit fijn vinden?”
“Zou hij mijn lijf wel mooi vinden?”
Je ligt samen met je partner in bed.
Maar eigenlijk ben je niet aanwezig, maar zit je in je hoofd.
Omdat het eindeloze piekeren maar doorgaat.
Op het moment dat die gedachten beginnen?
Ben je weg uit de verbinding met de ander, en vooral weg uit je lijf.
En precies dáár gaat het mis.
Want sexualiteit leeft niet in het hoofd.
Het leeft in het lichaam.
In aanraking. In adem. In gevoel. In verbinding.
Als je probeert iets te ‘presteren’…
Raak je verder je verwijderd van wat echt verbinding maakt.
En toch doen we het allemaal.
Zowel mannen als vrouwen.
We proberen te voldoen aan een ideaalbeeld:
Van hoe het hoort te zijn.
Hoe we zouden moeten voelen.
Hoe het eruit moet zien.
Hoe lang het zou moet duren.
Maar het lichaam laat zich niet dwingen.
Lust is geen knopje dat aan en uit gezet kan worden.
Opwinding ontstaat niet op commando.
Het lichaam reageert op veiligheid.
Op ontspanning.
Op vertraging.
Op échte aanwezigheid.
En daar wringt het meestal.
Want wie leeft er tegenwoordig nog écht in zijn lijf?
Zonder oordeel. Zonder haast.
Zonder iets te moeten “bewijzen” tussen de lakens?
We denken dat sex begint IN bed.
Maar het begint altijd daarbuiten.
Want hoe iemand zich in het dagelijks leven verhoudt tot zijn of haar lijf…
Tot emoties, tot stress, tot grenzen?
Heeft alles te maken met hoe verbinding in bed wordt ervaren.
Wie overdag zijn gevoelens wegduwt?
Zal ze ’s avonds ook niet ineens voelen.
Wie overdag het contact met zichzelf verliest?
Kan het in bed echt niet ineens terugvinden.
Wat helpt?
Ademen. Echt ademen.
In het lichaam zakken.
Leren voelen en vertragen, ook als dat ongemakkelijk is.
Oogcontact maken, en het vasthouden.
Praten, vóórdat het groots en ingewikkeld wordt.
Luisteren naar wat het lijf zegt, zonder meteen te oordelen.
Want sex is niet iets wat je presteert.
Het is iets wat je beleeft.
Als jij jezelf meer ruimte gunt om te voelen wat er écht is?
Dan blijft er minder ruimte over voor al die belemmerende gedachten.
Misschien is dat wel het begin.
Niet harder proberen. Niet beter willen zijn.
Maar zachter worden.
Meer aanwezig. Open.
Niet alleen in bed.
Maar in alles. In het dagelijks leven.
Liefs Sas
